Lijden en zelfbewustzijn in de natuur

Het is makkelijk in te zien dat wilde dieren veel te lijden hebben. Roofdieren die hen bejagen, dorst, honger en mogelijk met de dood als gevolg. Nu zou men kunnen stellen dat men het lijden van die dieren dient te minderen in de natuur door te voorkomen dat roofdieren hen bejagen en door voldoende eten en water te voorzien.

Maar als dat zou gedaan worden dan zou men de natuur aanpassen. Het zou geen wilde natuur meer zijn. Wanneer toegepast zou men niet langer de taferelen zien van roofdieren die hun prooi bejagen en vangen. En mogelijk zouden velen die wilde natuur willen behouden. En ik denk dat ik daarmee akkoord zou kunnen gaan. Maar met één uitzondering. En dat zijn de zelfbewuste dieren.

Om de aanwezigheid van zelfbewustzijn bij dieren te testen wordt vaak een test met een spiegel gebruikt. En sommige dieren lijken zich inderdaad in de spiegel te herkennen, namelijk, mensapen, dolfijnen, olifanten en zelfs sommige eksters.

Een dier dat zich niet zelfbewust is, zou nog steeds kunnen percipiëren. Aldus, kunnen kijken, ruiken, pijn of plezier kunnen voelen. Dat geldt misschien niet voor een mier. Maar waarschijnlijk wel voor een hond. Een hond ervaart allerlei zaken en reageert daarop. Maar een hond heeft mogelijk geen ervaring van zichzelf. Honden 'zijn' en ervaren zich maar honden zouden geen ervaring hebben van dat 'zijn'.

Maar sommige dieren dus blijkbaar wel. En dat maakt hun leven zeer verschillend van die niet zelfbewuste dieren. Als een antilope bv. haar kind zou verliezen dan is het niet uitgesloten dat die antilope dat werkelijk vergeet. Als een antilope niet zelfbewust zou zijn, wat zou dat verlies van dat kind dan kunnen betekenen voor die antilope? Die antilope is zich immers niet bewust van zichzelf terwijl een besef van een verlies van een kind misschien iets zou zijn dat slechts kan plaatsgrijpen wanneer er een zelfbewustzijn is. Maar een olifant beseft dat mogelijk wel. Die olifant zou om het verlies van een kind kunnen rouwen. En het zich herinneren.

En het is duidelijk dat die zelfbewuste dieren een enorm zwaar bestaan kunnen hebben. Ze kunnen hun kinderen zien verscheurd worden door roofdieren. Of zien neervallen van dorst. Alsook zouden ze kunnen lijden onder de zwaarte van hun bestaan. Ze zouden kunnen geteisterd worden door angst. Enz.

Dit was ook het geval bij de voorouders van de mens. En het is het geluk van de mens om aan die kwellingen te kunnen ontsnappen. Terwijl andere zelfbewuste dieren daar nog niet in geslaagd zijn. En dienen we die dieren dan niet te helpen? Zou een olifant het bv. niet waarderen als die kon beseffen dat de mens ervoor gezorgd heeft dat sommige gruwelijkheid niet langer hoeft meegemaakt te worden? Ik neem aan van wel.

Wat natuurlijk nog niet wil zeggen dat we die natuurlijke omgeving, waarin die dieren zich thuis voelen, dienen te vernietigen. Maar stel dat een olifant nu toevallig zou leven in een natuurlijke omgeving waarin geen roofdieren zijn die hen aanvallen en waarin water en voedsel steeds in voldoende mate aanwezig is, dan zouden die olifanten zich waarschijnlijk thuis voelen in die natuurlijke omgeving. En als men zo'n omgeving kan nabootsen in reservaten, dan zouden die olifanten zich daar ook thuis in voelen en toch een beter leven hebben.

Natuurlijk is het ook zo dat de mens zelf ook een oorzaak is van het lijden van die zelfbewuste dieren. En dat dient uiteraard gestopt te worden. Maar een bijkomend probleem is hun lijden in de natuur. En dit lijkt mij ook te mogen aangepakt worden onder de voorwaarde dat er eerbied zou zijn voor hun bestaan. Opdat hun dierenrechten zouden gerespecteerd zijn. Maar eigenlijk zouden ze er zelfs dierenrechten bijkrijgen. Zoals het recht op voldoende water, voedsel en veiligheid.